Van Deinze naar Bellem

Op 11 november staat de halve marathon op het programma. Dan organiseert JC Aalter een loopwedstrijd langs het kanaal. Met de bus wordt je schoolreis-gewijs naar Deinze gebracht. Daar heb je de tijd om je op te warmen en om stipt 13u30 mag je terug naar Bellem. Maar dan op eigen krachten. 21 kilometer die eigenlijk een beetje ééntonig zijn maar toch komen er elk jaar een pak deelnemers aan de start. Dit jaar meer dan 400.

Mijn voorbereiding verliep redelijk goed. Mijn basisconditie is goed en drie weken terug had ik al eens als test ietsje meer gelopen. Dus de finish halen zat er zeker in. En als het binnen de twee uur zou zijn dan was het best ok. Nog eens een intervalleke op de maandag er voor en een herstelloopje op woensdag en we zijn er klaar voor. Of nee, voelde ik daar iets aan mijn knie? Verd… het zal toch niet waar zijn? Wat zalf smeren en hopen op het beste.

Zaterdag 11 november, regen en grijs maar aan de start is het droog en dat zal het zeker twee uur blijven. Ik doe mijn opwarming apart in het domein De Brielmeersen. Velen lopen rondjes op de atletiekpiste maar ik voel me daar wat onrustig bij. Op de bus hoorde ik allerlei getallen. “12,7” voor mij, “oei dat is nog redelijk” kwam er nog achter en 4’17” achter mij. En dat op een marathon. Straffe gasten. Ik had de uitnodiging voor 1u45 te lopen ook al afgewimpeld. Twee jaar terug haalde ik 1u48 net als het jaar er voor. Vorig jaar deed ik er 5 minuten bij en dat geeft me nu 7 minuten extra om binnen de 2 uur te finishen. Dat zal al best goed zijn.

Opwarmen en toch maar het vestje uit. De gordel om met twee drinkflesjes en drie gelletjes. Laat de start maar komen. En die kwam er. Onverwachts maar toch verlossend. Ik had me voorgenomen om rustig te starten en de tweede helft iets rapper te lopen. Een negatieve split noemen ze dat.

De eerste kilometer loop je in de massa en dat kan je verleiden om te rap te lopen. Maar ik kon me beheersen. Niettemin klokte ik 5’30” na 1000 meter. En makkelijk zelfs. Ok, dan houden we ons daar aan en zien wel. Wat verderop zie ik twee dames zij aan zij lopen. De ene zegt: “Ga maar” waarop de andere, “Anders wil ik wel bij u blijven”. “Nee geen probleem ik heb mijn tempo”, hoor ik nog. Ietsje verderop blijkt haar tempo het zelfde te zijn als het mijne en ben ik plots de “haas” voor een dame in het roze. Nooit gedacht maar het streelt mijn ego. Ik kan het tempo mooi aanhouden en check regelmatig of ze nog volgt. Elke kilometer trilt de Polar V800 en met soms ietsje meer dan 5’30” naderen we Bellem. De Lady in Pink volgt nog steeds. Meestal halen we andere lopers in, iets wat de moraal op pept. Na 14 kilometer gaan we een brug over, twee derde zit er op en nu rest nog een stukje. En plots is ze weg. Oei en ik was al wat vertraagd. Niet voor de volgster maar voor mezelf. De negatieve split zat er niet in.

Mijn idee was om mijn innerlijke woede van de gebeurtenissen van de laatste maanden boven te halen om mij af te reageren en het om te zetten in snelheid. Maar dat lukte niet, ik had het al eens op training geprobeerd maar het lukte niet. Ik stak het toen door de opwekkende muziek in mijn oren. Maar blijkbaar kan ik het niet. Geen turbo die aanschoot op woede maar eerder teleurstelling die me geen centimeter rapper deed lopen. Gelukkig ook niet trager. Als ik al trager liep dan was het gewoon omdat het niet rapper ging. Maar ik klaag niet, als ik onder de 6 minuten per kilometer kan blijven lopen dan is twee uur zeker haalbaar. Al droomde ik in het begin van 1u56.

De laatste twee kilometer zijn de zwaarste en ook nu heb ik het mentaal lastiger dan fysiek. Ik zie geen eind van een straat en wind me innerlijk zelfs een beetje op. Twee dames die ik in haalde zetten een tandje bij en steken me nog voorbij. Eén er van heeft het lastig en ik probeer ze nog voor te blijven. Maar de gentlemen in mij wint het van het competitiebeest en laat ze voor mij finishen. 1u58’44” is mijn eindtijd en ik ben tevreden.

Aan de auto wissel ik van schoenen en er schiet plots een kramp in de rechterkuit. Amai dat kan aankomen. Ja aankomen dat was de bedoeling. 🙂