Kallemoeietriatlon Beernem

Sinds mijn dieet en het kwijtspelen van 15 kg was Beernem een uitdaging voor mij op vele vlakken. Voor mezelf terug het gevoel van mijn “jonge” jaren te hebben in een triatlon. Wat betekent een goede zwembeurt, een iets stevigere fietsbeurt en nog wat over houden voor een goed looptempo in het afsluitend gedeelte.
Mijn voorbereiding liep goed, heel goed eigenlijk. De laatste week had ik enkel schrik dat ik iets te veel rustte. Hoewel één week voor D-day ik toch een stevig fietstochtje deed van 175 km. Weliswaar met drie tussenstops maar toch tevreden en niet bekaf toen ik thuis na een goede 6u15 en een gemiddelde van 28km/u mijn fiets bedankte voor het fijne gezelschap. Een geplande open-lucht zwemtraining viel in het water. Op vrijdagmiddag wou ik toch nog even testen hoe ik de wissel fietsen-lopen verteerde. Na een 34 km aan een stevig tempo liep ik een blokje of twee om aan een al even stevig tempo. Ok, dat zat goed. Ik was er klaar voor, ook het nieuwe (ingenomen) pakje zat prima.

Beernem.
Na wisselende weerberichten was het moeilijk te voorspellen welk weer het zou zijn tijdens de wedstrijd. Warm zeker maar of het droog zou blijven was niet zeker. Met de auto op weg keek ik naar de talrijke zeilen die in de buurt van Knesselaere op stallingen lagen. De hagelbollen van de vorige nacht hadden hier hun sporen nagelaten. Ik deed de bedenking dat enkel de fietshelm wat kon tegenhouden. Voor de rest was het hopen op zon of tenminste geen neerslag. En eens in Beernem brak de lucht volledig open. Zon en een stralende blauwe hemel. Aanmelden en een goede parkeerplaats vinden was prioritair. Wat klapkes doen met andere TTA-atleten. Luchtig en opgewekt, het clubkampioenschap speelde dat het een lust was. Aan de supporters werd gevraagd om de tijden door te spelen. Zo kon men zien of het de moeite was om een hoger tempo te nemen in het loopgedeelte. De drie bovenste schavotjes van het podium werden begeerd. Daags er voor werd er op FB gepronostikeerd dat het een lieve lust was. Twee namen kwamen terug, Bjorn en Christian waren de koppen om je geld op in te zetten.

Stilletjes aan kwamen de zenuwen meer op zetten, ze waren er ’s morgens al. De relatieve korte nacht (feestje de avond er voor) maakte het er niet beter op. Het zwemmen was mijn grootst vraagteken. In mijn laatste triatlons had ik telkens af te rekenen met krampen in mijn rechterkuit. Waarschijnlijk door een spannende wetsuit. Ook daar was ik blijkbaar verdikt.
13u, met Daniël begeef ik mij naar de start waar alle andere TTA atleten al staan te wachten. iedereen start in dezelfde wave dus er is nog tijd voor een foto te nemen en een klapke te doen. De laatste speculaties voor het podium doen de ronde. Opvallend nadien is dat niet iedereen zich daar een mening over heeft en zijn zegje gebeurt pas tijdens de wedstrijd zelf. Voor mij telt nog een ding, dat is voor één keer niet de laatste TTA-er te zijn. Mijn voornemen is om onze jongste atleet achter mij te laten. Hoogstwaarschijnlijk pas in het lopen en dan nog kort voor de aankomst hoop ik stilletjes. We worden met hoogdringendheid naar de startplaats geroepen om de laatste instructies van de scheidsrechter te horen. Omdat het te warm wordt mogen we twee minuten voor de start het water in. Zoals het water mijn pak in stroomt zo glijden de zenuwen van me af. Het gevoel zit goed, nu het zo houden zeker de eerst komende kilometer.

Knal, we zijn weg. Rustig startend en met een gemak die ik nog niet veel gehad heb zwem ik de 1000 meter. Eerst onder de voetgangersbrug en nog een 350 meter verderop wacht de trap ons op. Mijn laatste slagen tel ik altijd, schattend dat ik er nog 100 moet, het blijken er maar 80 te zijn als ik me op het droge hijs. Trap op en aan de andere kant er rustig af. Nu niet uitglijden, het zwaarste gedeelte is voorbij. En hoe, 19 minuten en nog wat had ik slechts nodig. Na een vlotte wissel zit ik al 4 minuten voor op mijn eigen pronostiekje waar ik een eindtijd hoop van 2u50.
Al vlug lig ik op het stuur, de aanschaf van het stuurbeugeltje heb ik me niet beklaagd. Goed voor het “moral” en meteen een goede positie. Veel wind staat er niet maar elk voordeel is welkom. Na 10 km kom ik onder stoom, alles verloopt volgens planning, of niet. Ik ga sneller dan gepland, maar het gaat bijna vanzelf waarom niet. Rechte stukken waar ik mooi ronde de 34km/u haal. Ik voel me goed maar vrees toch voor het laatste loop-stuk. De passage langs de wisselzone komt er aan. Ik zie weinig supporters. Staan ze er niet of ben ik te gefocust ik weet het niet maar wat ik wel weet is dat ik na het fietsen een flink stuk tijd afknabbel van mijn pronostiek. Of wel heb ik die tijd extra nodig in het lopen of ik loop op schema en haal een tijd waar ik enkel kon van dromen.
Rustig, rustig Frank, het is boven de 25 graden er kan nog van alles gebeuren.
Eventjes zie ik dat mijn fietsgemiddelde boven de 32 ligt. Amai mijne trainer heeft goed werk verricht en met resultaat.
Voor de laatste maal de wisselzone in waar ik pas de warmte goed voel. De rug rekt wat tegen maar gelukkig na één kilometer is ook dat voorbij. Geen kilometerbordjes dus ik heb geen idee hoe rap ik loop. Om mezelf niet op te jagen kijk ik niet naar mijn uurwerk. Het lopen begon ik na een goede 1u41 en als alles goed gaat loop ik vlot binnen rond 2u40, een winst van 10 minuten. 
Voor het eerst is het slechts twee rondjes lopen, vorige twee edities waren het er drie. Geen probleem voor mij, ik doe hier voor de eerste keer mij. Jonas en Kurt roepen me toe: “Allez Frank, Pieterjan is al een beetje aan het stilvallen.” Ik kan mijn glimlach niet onderdrukken maar de eerste kilometers zie ik hem toch nergens voor mij lopen. We gaan een stukje door een bosje waar de schaduw welkom is. Het draait, keert en kronkelt tot plots ik een pakje van TTA voor mij zie. Rugnummer 98, rapper dan ik dacht haal ik Pieterjan in. “Jawadde, zu lupen, het gaat precies goed”, hoor ik hem zeggen. “Ja precies wel”, antwoord ik en ik vergroot stelselmatig mijn voorsprong. Een “Yes” gevoel maakt zich eventjes van mij meester. Er wacht nog een tweede ronde en de warmte is slopend. Mijn tijd voor de eerste 5 km: 25′. Jadadde, dat verbaast me. Ik loop ontspannen en toch aan een tempo die terug doet denken aan mijn jonge jaren. Veel last van de hitte heb ik niet van, een voordeel dat ik vroeger ook al had. Afkoelen onder een sproeier en tijd nemen om te drinken hou ik me voor. Het tweede rondje lijkt korter dan het eerste. Aan de aankomst mag ik rechtdoor en klok af op iets minder dan 2u33. Blij, zeer blij maar toch verrast. Ik wist dat de conditie er was maar dit is toch efkes genieten. Als dit zich zo doorzet ziet het er nog mooi uit komende wedstrijden.